Ik heb AuDHD — de combinatie van autisme en ADHD. Specifiek ADHD-PI: de inattentive variant, zonder de hyperactiviteit die de meeste mensen associëren met ADHD.

Dit is geen excuus. Het is context.

Want de manier waarop ik werk — de obsessie met automatisering, de voorkeur voor async communicatie, de uren die ik steek in tooling — komt niet uit de lucht vallen. Het is het resultaat van jaren experimenteren met wat werkt voor een brein dat niet gebouwd is voor de standaard kantoorwereld.

En hier is het interessante: de strategieën die ik uit noodzaak gebruik, werken voor iedereen. Het verschil is dat ik geen keuze heb. Voor mij is het overleven. Voor jou is het optimaliseren.

Hoe AuDHD eruitziet (voor mij)

Laat me specifiek zijn, want “neurodivergent” is een breed begrip.

De ADHD-kant:

  • Aandacht reguleren is inconsistent. Soms kan ik niet focussen, soms kan ik niet stoppen met focussen (hyperfocus)
  • Taken starten is vaak moeilijker dan taken doen. De drempel om te beginnen kan onoverkomelijk voelen
  • Mijn werkgeheugen is beperkt. Als het niet opgeschreven of geautomatiseerd is, bestaat het niet
  • Urgentie drijft actie. Zonder deadline bestaat een taak nauwelijks in mijn brein

De autisme-kant:

  • Voorspelbaarheid is rust. Onverwachte veranderingen kosten energie
  • Patronen en systemen zijn hoe ik de wereld begrijp
  • Context switching is duur. Elke onderbreking kost tijd om terug te komen
  • Sensorische input kan overweldigend zijn. Open kantoren zijn uitputtend

De combinatie:

  • Ik wil structuur (autisme) maar kan hem zelf moeilijk creëren (ADHD)
  • Ik heb routines nodig maar mijn brein verveelt zich snel met herhaling
  • Ik kan diep focussen maar niet kiezen waarop

Dit klinkt misschien als een recept voor mislukking. En ja, jarenlang was het dat ook. Tot ik stopte met vechten tegen mijn brein en begon met meewerken.

De drie principes

Alles wat ik doe — van mijn tech stack keuzes tot hoe ik mijn dag inricht — komt neer op drie principes:

1. Cognitieve frictie minimaliseren

Elke extra stap tussen mij en een taak is een punt waar mijn brein kan afhaken. Elke beslissing die ik moet nemen put uit een beperkte voorraad.

Daarom:

  • Automatisering boven handmatige stappen. Een script vergeet geen stappen. Mijn brein wel.
  • GitOps boven ad-hoc wijzigingen. De gewenste staat staat in Git. Ik hoef niet te onthouden wat ik waar heb aangepast.
  • CLI boven GUI. Minder visuele afleiding. Eén commando, één actie.
  • Infrastructure as Code. De infrastructuur is gedocumenteerd door het feit dat hij bestaat. Geen aparte documentatie om te onderhouden.

Hoe minder mijn brein hoeft te werken om iets voor elkaar te krijgen, hoe groter de kans dat het daadwerkelijk gebeurt.

2. Flow state faciliteren

Mijn brein heeft twee standen: niet kunnen focussen, of hyperfocus. Die laatste is goud waard — maar fragiel. Eén onderbreking en ik ben hem kwijt.

Daarom:

  • Async communicatie als default. Ik bepaal wanneer ik berichten lees, niet mijn inbox.
  • Deep work blokken. Ochtenden zijn voor focus. Meetings in de middag.
  • Notifications uit. Alle. Altijd. Ik check dingen wanneer ik daar klaar voor ben.
  • Tooling die mijn flow ondersteunt. Keyboard shortcuts, terminal workflows, alles om in dezelfde context te blijven.

Als ik eenmaal in flow ben, kan ik bergen verzetten. De kunst is om die staat te bereiken en te beschermen.

3. Externe structuur bouwen

Mijn brein kan moeilijk zelf structuur creëren en vasthouden. De oplossing: bouw de structuur in de omgeving in plaats van in mijn hoofd.

Daarom:

  • Declaratieve configuratie. De gewenste staat is expliciet. Niet “ik heb dit ooit ergens geconfigureerd” maar “dit is wat het moet zijn.”
  • Self-healing systemen. Als iets faalt, herstelt het zichzelf. Ik hoef niet te onthouden om het te fixen.
  • GitOps. De git repository is de source of truth. Niet mijn geheugen.
  • Pipelines die afdwingen. Tests, linting, security scans — als het niet in de pipeline zit, ga ik het vergeten.

Het systeem onthoudt. Het systeem dwingt af. Ik hoef alleen te bouwen.

Waarom dit voor jou ook werkt

“Maar Tom, ik heb geen ADHD. Waarom zou ik me hier iets van aantrekken?”

Omdat je brein óók liever zo min mogelijk werkt.

Cognitive load is voor iedereen eindig. Decision fatigue is universeel. De dopamine-hit van nieuwe dingen versus de saaiheid van onderhoud — iedereen herkent dat.

Het verschil is dat mijn tolerantie voor frictie lager is. Waar jij misschien drie handmatige stappen kunt onthouden, haak ik af bij de eerste. Waar jij kunt kiezen om notifications aan te laten, kan ik dat niet.

Maar de oplossingen die ik moet gebruiken, zijn dezelfde die jouw werk ook beter maken:

  • Automatisering vermindert fouten en bespaart tijd — voor iedereen
  • Async communicatie verhoogt deep work — voor iedereen
  • Declaratieve configuratie maakt systemen begrijpelijker — voor iedereen
  • Self-healing infrastructure vermindert operational load — voor iedereen

Ik ben gewoon de kanarie in de kolenmijn. Als het voor mij werkt, werkt het waarschijnlijk voor jou ook.

Hoe dit eruit ziet in de praktijk

Dit blog verkent concrete uitwerkingen van deze principes. Bijvoorbeeld:

De kern

Ik heb lang gedacht dat ik moest veranderen. Dat ik harder moest proberen. Dat discipline de oplossing was.

Dat werkt niet.

Wat wel werkt: accepteren hoe mijn brein functioneert en daar omheen bouwen. Systemen creëren die met mij meewerken in plaats van tegen me.

En het grappige is dat die systemen — automatisering, async, declaratieve configuratie, self-healing infrastructure — gewoon goede engineering zijn. Ze zijn niet “voor mensen met ADHD.” Ze zijn voor iedereen die betrouwbare, onderhoudbare systemen wil.

Ik heb gewoon geen keuze om het anders te doen.


Dit is de context voor veel van wat ik schrijf. Als je je afvraagt waarom ik zo gefocust ben op automatisering, waarom ik GitOps predik, of waarom ik async communication aanraad — dit is waarom. Niet omdat het trendy is. Omdat mijn brein niet anders kan.